aniek
op Manhattan (1949)
Het
snelle geruis van voetstappen, de onderdrukte schreeuw, de wurgende greep van de exotische
zijde... het merkteken van de Kat. De Kat had net zijn negende slachtoffer geëist. Ellery
Queen vond de tiende levend en hield hem de moordenaar voor de mond. De val sloeg dicht en
Ellery en de politie zaten al klaar om hun slag te slaan. Het was achter de wurger die
elders toesloeg. Queen's hart versteende bij de gedachte wat ze nu weer zouden vinden.
Een nieuwe start voor EQ: meer een mensenjacht dan een mysterie, met een aardige
wending. Ze bevat een hoogst eigenaardige scene met Ellery en de psychiater.

oord op Rijm
(1950)
Ellery
keerde terug naar Wrightsville om er het mysterie op te lossen. Een rijke 'arme' die
aan 'ouderdom' stierf, een arme 'rijke'die zelfmoord pleegde, een dronkaard die verdween.
Queen zag al vlug het patroon. De moorden gebeurden op tekst van een kinderrijmpje!
Edelman, bedelman, dokter, pastoor, koning, keizer, schuttermajoor... en voor ten minste
één persoon in stad was die schuttermajoor Ellery Queen!
Het laatste echte volwassen Wrightsville-verhaal is als altijd zeer
sterk in zijn karakteromschrijvingen. Enkele van de deducties gemaakt op de gegeven
aanwijzingen lijken meer speculatief dan logisch. |