NAAR PAGINA: 1 2 3 4 567891011

STRIPVERHALEN

Er waren verscheidene stripdetectives die de Queenformule
imiteerden. De meest in het oog springende hierbij was Bentley of Scotland Yard die verscheen begin de jaren 40 in Pep Comics. In zijn zaken (The Case of the Whistling Doom
#13  03/1941 , The Case of the Dancing Ghosts #9  11/1940) van de hand van Sam Cooper en Joe Blair , had Bentley veelal te maken met demonische figuren maar telkens was de hoofdschotel een tekening met de uitdaging aan de lezer: "Inspector Bentley knows the killer of... Do you?
Queen leek ook populair bij de toenmalige stripauteurs en voorzag vaak,
zonder krediet laat staan betaling, verhaallijnen voor minstens twee van strip's meest geliefde misdaadbestrijders. Door het vooraf dateren van de verhalen is het moeilijk de Batman # 18 augustus - september 1943Detective Comics #443, oktober-november 1974 - klik op de kaft voor de volledige titelpagina van het verhaal "The Secret of Hunter's Inn"...chronologie te achterhalen maar Batman #18 (aug-sept 1943, herdrukt in Detective Comics #443, okt-nov 1974) was waarschijnlijk de eerste. In het eerste verhaal van deze uitgave "The Secret of Hunter's Inn" (schrijver onbekend, tekeningen door Bob Kane/Jerry Robinson) ontmoeten Batman en Robin voor de tweede maal het misdaadduo 'Tweedledum and Tweedledee", tweelingsbroers gebaseerd op de figuren met dezelfde naam uit Alice in Wonderland. Het punt waarrond het in dit verhaal draait - een daadwerkelijk verdwijnende landelijke herberg- is zo uit het kortverhaal 'The Lamp of God' gehaald. 

Nummer164 van 18 juli 1943 de Spirit stripsectie van the Sun, van de hand van Will Eisner.Het verhaal in kwestie waarin de Spirit deduceert hoe met absolute zekerheid een man in totale duisternis kan worden neergeschoten is gestolen uit Queen's 'The Adventure of the House of Darkness'.

Het tweede voorbeeld verscheen op 18 juli 1943 in the Spirit strip #164, een bijlage in het zondagsblad The Baltimore Sun, gemaakt door Will Eisner. Het verhaal in kwestie waarin de Spirit deduceert hoe met absolute zekerheid een vrouw in totale duisternis kan worden neergeschoten is gestolen uit Queen's 'The Adventure of the House of Darkness'. Het verhaal is getekend: Eisner.... Gezien het grote aantal misdaadgerelateerde strips in dat tijdperk geproduceerd en gezien het feit dat strips toen vrij algemeen als een 'wegwerpmedium' werd gezien zal dit waarschijnlijk maar het topje van de ijsberg zijn. Het is dan ook paradoxaal te noemen dat deze geplagieerde verhalen betere voorbeelden zijn van hoe een Queenverhaal in een strip moet worden omgezet.

Pato Donald, nummer 4, 1944.Pato Donald, nummer 5, 1944.Niet voor het laatst vonden een aantal, vermoedelijk, Crackajack-verhalen hun weg naar andere buitenlandse compilaties. Zoals dit in 1944 gebeurde in het Spaanse "Pato Donald" waarin Ellery zijn opwachting maakte tussen andere helden waaronder Donald Duck himself. 

"The dainty woman moistened her lips , she looked faint"  -  Paneel uit de strip "House of Darkness" door Paul NorrisNiettegenstaande Dannay zich ooit in een interview liet ontvallen dat er sprake was van een EQ krantenstrip scheen dit nooit bewaarheid te zijn. In het tweede deel van de jaren 40 verscheen "House of Darkness" opnieuw als een dagelijkse strip in een krant. Dit keer werden de tekeningen gemaakt door Paul Norris en het geheel werd uitgebracht onder de vleugels van King Features Syndicate. Noch de exacte datum van publicatie noch de naam van de krant is ons op dit ogenblik bekend. Maar Norris, beroemd voor het opstarten van Aquaman met Mort Weisinger, begon pas te werken voor King Features na zijn terugkeer uit Wereldoorlog II.

Verschillende advertenties voor Superman (en aanverwante)
strips bevatten de zin "Uitdaging aan de lezer!" om aan te geven dat er detectiveverhalen te vinden waren. We vonden in onze eigen collectie hiervan een voorbeeld in een Robin-verhaal.

uit Robin de Wonderjongen "Moord op het Schaakbord", 1952 herdruk 1970 in Superman en Batman N°19

We moeten Michael E. Grost gelijk geven wanneer hij stelt dat meer dan één aspect van de Supermanverhalen hun oorsprong vinden bij Ellery Queen of diens 'voorganger' Van Dine. Slimme amateurdetectives lossen de misdaad op door gebruik te maken van logica. Het gebruik van de vele vermommingen en imitaties doen sterk denken aan Drury Lane. De showbiz setting, de vele schoolse en intellectuele figuren roepen herinneringen op aan Van Dine. Net als de vele museums; de private collectie van Jimmy Olsen's Superman souvenirs en Superman's Fort van de Eenzaamheid die bijna rechtstreeks verwijzen naar de grote aantallen private museums in de Van Dine schoolboeken. Metropolis is een nauwelijks vermomde versie van New York City en er is een allom aanwezige liberaal gevoel rond de verhalen.

Superior series #1 met tekeningen van LB Cole contains the story "The Challenging Case of Faith, Hope and a Charlatan!"Superior series #2 met tekeningen van LB Cole  Met o.a. als verhalen Terror Tide, Calamity Clock, Vanishing Phantoms, Devil in the  Vault. Hoofdverhaal is "The Bell That Screamed" van Maxfield R. PaterSuperior series #3 met druggebruik, lingerie en folterscenes! Veroordeeld door Frederuc Wertham. In "The Bubble Gum Mystery" ontdekt Ellery dat kinderen drugs toegediend krijgen gebruik te maken van kauwgom waarin drugs gesmokkeld werden. In "The Turbulent Tomb!" deduceert Ellery hoe een geïsoleerde vuurtorenwachter in volle storm werd vermoord. Ontdek hoe een grap van de kapitein ten koste van Ellery de misdaad helpt op te lossen. Is het trouwens een moord of kan een paar pyjamas de reden voor iemands dood zijn? Superior series #4 met de verhalen "The Case of the Seventh Raven"  en "The Crooked Mile" tekeningen Jack Kamen

In 1949 verscheen Ellery in vier nummers van Superior Comics (waarvan overigens ook Canadese edities bestaan). Ondanks tekeningen van Jack Kamen,Matt Baker, L.B. Cole (#1), Our Secret #7 (april 1950) met daarin een negen pagina lang verhaal bedoelt voor Ellery Queen nr5John Forte en S.M. Iger studio is het een serie om vlug te vergeten -- ze verscheen tweemaandelijks van mei tot november. Geschreven door Ruth Ann Roche. Met was reeds een heel eind met de vijfde aflevering toen werd besloten de serie te schrappen, en Ellery werd hernoemd tot Edmond Blake en Nikki werd Nola. De namen werden letterlijk over de originelen heen gekleefd. Het wordt nog moeilijker om volgen wanneer in het verhaal Edmond Blake zich als Tim Keene uitgeeft (Ellery Queen als Tim Keene). Het verhaal verscheen uiteindelijk in Our Secret #7 (April, 1950). Sommige van deze strips werden vertaald teruggevonden in buitenlands pulpbladen zo bvb. rond 1950 in 'Pistas' uit Argentina. De 4 EQ-verhalen werden een paar jaar later herdrukt in Haunted Thrills nummer 1 en 2 (6/52 en 7/52).
 

Origineel tekenwerk voor het Our Secret verhaal "Kiss and Tell" '(1950). In het eerste paneel kun je nog de originele benamingen terugvinden van  "Ellery" en "Nikki". In het laatste paneel werd via kleef en plakwerk 'oude stijl' van "Ellery" "Blake" gemaakt.

(lees verder...)

 

NAAR PAGINA: 1 2 3 4 567891011

 


 
Inleiding | Plattegrond | Q.B.I. | Liist Verdachten | Wie?  | Q.E.D. | Moord en scene | Nieuw | Auteursrecht
Copyright
© MCMXCIX-MMVIII   Ellery Queen, een website rond deductie. Alle rechten voorbehouden.